Wie zou je zijn zonder de gedachte
dat je geluk van iemand anders afhangt?
Byron Katie
Ik schreef het al eerder op deze site: wát je meemaakt, doet er misschien niet veel toe, maar hoe je ermee omgaat wél. Met andere woorden: hoe je omgaat met een situatie bepaalt hoe je je voelt.
De meeste ongelukkige gevoelens komen namelijk voort uit de oordelen die we hebben over onszelf, over anderen of over de situatie waar we ons in bevinden. Het zijn de oordelen die ons ongelukkig maken: je wilt iets niet wat er wél is of je wilt iets wél wat er níét is. Met andere woorden, je accepteert niet wat er is…
Wil je gelukkig zijn en je lekker voelen? Onderzoek dan je oordeel.
Vier vragen
Byron Katie, een Amerikaanse schrijfster en inspirator, heeft een simpel systeem bedacht dat je leert op een andere manier naar jezelf en degene over wie je oordeelt, te laten kijken. Dit systeem gaat uit van vier vragen:
1. Is het waar?
2. Kun je absoluut zeker weten dat het waar is?
3. Hoe reageer je als je die gedachte hebt?
4. Wie zou je zijn zonder die gedachte?
Voorbeeld
Met deze vier vragen kun je iedere situatie onderzoeken waarin een oordeel een rol speelt. Bijvoorbeeld: je ergert je aan een collega en jij vindt dat zij socialer zou moeten zijn. Misschien is dat ook wel zo, maar als zij daar niet in verandert, en jij voelt je rot omdat je erover oordeelt, stel jezelf dan de volgende vier vragen.
Is het waar dat je collega socialer zou moeten zijn?
Daar zal je vast niet lang over na hoeven te denken, waarschijnlijk roep je meteen: ‘Ja!’
Weet je absoluut zeker dat het voor haar én voor jou het allerbeste zou zijn als zij zich socialer zou opstellen?
Misschien dat je nu niet meer zo volmondig ‘ja’ kunt antwoorden, want hoe kan jij weten wat het beste voor haar is? Weet jij precies wat zij te leren heeft, of wat zij met haar gedrag anderen juist moet laten zien? Het kan dus zijn dat je antwoord is: ‘Jawel, natuurlijk, maar…’
Hoe reageer je als je de gedachte hebt dat je collega socialer zou moeten zijn, wat voel je?
Mogelijk antwoord: ‘Ik voel me een beetje ‘zuur’, mijn schouders raken gespannen, ik word er een beetje chagrijnig van.’
Hoe zou je je voelen als je haar niet zou veroordelen, als zij gewoon mocht zijn wie zij was en jij je daar niet druk over zou maken? Kortom, hoe zou je je voelen als je die gedachte niet had?
Het zou best kunnen dat je antwoord zou zijn: ‘Ik zou me meer ontspannen voelen en vrijer, want als ik me voortdurend erger, voel ik me eigenlijk helemaal niet lekker…’
Omdraaien
Als klapstuk komt de grote truc: draai de boel om.
Probeer in dit voorbeeld het oordeel dat je over je collega hebt eens op alle mogelijke manieren om te draaien. Ga daarmee door totdat je een omdraaiing vindt waar je echt iets bij voelt. Bijvoorbeeld:
‘Zij hoeft zich niet socialer op te stellen.’
Mogelijke reactie: ‘Pfff, tuurlijk wel!’
Ik moet me socialer opstellen.’
Mogelijke reactie: ‘Wàt?! Als ik nog niet sociaal genoeg ben, dan weet ik het niet meer!’
‘Ik moet me niet altijd zo sociaal willen opstellen.’
Mogelijke reactie: ‘Mmm, tja, daar zit wel wat in, ik wil er altijd maar voor iedereen zijn, ook als ik het eigenlijk niet kan opbrengen.’
‘Ik mag me best wel eens wat minder sociaal opstellen…’
Mogelijke reactie: ‘Dat is eigenlijk wel waar, ik vergeet mezelf vaak, dat is ook weer niet zo handig…’
Voel je de verzachting in dit verhaal? Het is natuurlijk helemaal geweldig als iemand waar jij last van hebt ten positieve verandert, maar terwijl je die ander daarin de ruimte gunt, kun je ook best wat aan jezelf sleutelen – met behulp van wat die ander jou laat zien.
Waarom?
Ik zeg hiermee niet dat mensen niet mogen worden aangesproken op hun gedrag. Natuurlijk moeten moordenaars en dieven niet zomaar hun gang kunnen gaan en mag asociaal gedrag op straat worden aangepakt. Maar om in je dagelijkse leven niet oeverloos met je vinger te blijven wijzen (zij doet dit en dus voel ik me rot), is het handig om tegelijkertijd de boel om te draaien en te onderzoeken waarom je je eigenlijk zo boos maakt: wat heeft het met jou persoonlijk te maken dat je je zo ergert of dat je je ergens heel boos over maakt? Waarom heb je meteen je oordeel klaar, wat zegt dat over jou?
Hij moet z’n troep opruimen
Als je hiermee aan de slag gaat, is het niet je doel om je (oordelende) gedachten te veranderen, maar om ze te onderzoeken. Andere, zachtere, gedachten komen er dan vaak vanzelf voor in de plaats. Nog wat voorbeelden van omdraaiingen:
Hij zou z’n troep moeten opruimen: hij mag best troep maken; ik zou m’n eigen troep moeten opruimen (letterlijk of figuurlijk); ik zou wat meer kunnen leren de boel de boel eens te laten…
Zij zou vaker contact met mij op moeten nemen: zij hoeft niet vaker contact met mij op te nemen; ik zou wat vaker contact met haar kunnen opnemen; ik zou wat vaker contact met mezelf kunnen opnemen…
Zij moet meer verantwoordelijkheid nemen: ik zou wat meer verantwoordelijkheid moeten nemen; ik zou me niet altijd zo verantwoordelijk moeten voelen; ik zou meer verantwoordelijkheid voor mezelf mogen nemen…
Hij zou wel eens wat liever tegen me mogen zijn: ik zou wel eens wat liever tegen hem mogen zijn; hij zou wel eens wat liever tegen zichzelf mogen zijn; ik zou wel eens wat liever tegen mezelf mogen zijn…
Hij zou vaker een arm om me heen moeten slaan: ik zou wat vaker een arm om hem heen mogen slaan; ik zou mezelf vaker mogen omarmen; ik mag datgene wat ik van hem in mezelf herken, omarmen…
Lens
Byron Katie redeneert hierin als volgt: jij bent de lens en daar doorheen bekijk jij (en definieer jij) de wereld. Stel nu dat je door jouw lens een stofje of een scheurtje op jouw projectie ziet, bijvoorbeeld op een persoon waar jij een oordeel over hebt. Je kunt met alle macht dat stofje of dat scheurtje van die persoon af proberen te poetsen, maar dan kun je poetsen tot je een ons weegt. Je eigen lens schoonmaken gaat een stuk sneller…
Totdat het niet meer zo is
Ik beweer niet dat dit een heel makkelijk trucje is dat je dat zo maar even onder de knie hebt. Hoewel, als je eenmaal in de gaten krijgt hoe het werkt, wordt het leven een stuk eenvoudiger en prettiger, geloof me. Mocht dit de eerste keer zijn dat je over deze materie hoort, heb ik een extra trucje voor je om het meteen al wat gemakkelijker voor je te maken.
Wat in dit proces namelijk enorm kan helpen, zijn de volgende twee redeneringen:
• Mensen doen iets niet totdat ze het wel doen, en andersom.
• Iets is zo, totdat het niet meer zo is.
Dit geldt ook niet alleen voor anderen maar ook voor jou. Jij denkt er bijvoorbeeld al jaren aan om toch eens een baan te zoeken waar je gelukkiger van wordt, maar iets houdt je tegen. In feite is het heel simpel: zolang je geen ontslag neemt, doe je dat niet. Totdat je het wel doet. Acceptatie is ook hier weer een belangrijk sleutelwoord. Totdat je het niet meer accepteert, natuurlijk
.
Wat zou liefde hier nu doen?
Als je overigens de exercitie met de vier vragen te ingewikkeld vindt, of als je daar niet altijd de tijd voor wilt nemen, kun je ook de short cut nemen. Dit doe je door bij een oordeel waar je je niet goed bij voelt, te denken: wat zou liefde hier nu doen? Deze vraag kun je zowel op jezelf laten slaan als op iemand anders (dus als je boos op jezelf wordt over het feit dat je weer zit te oordelen, kijk dan ook met een milde blik naar jezelf).
Ik moet bekennen dat ik mezelf ook regelmatig aan deze vraag moet herinneren, maar áls ik eraan denk, verzacht het de boel vaak al. En dat is een goeie start.
Meer info
Het heeft even geduurd, maar intussen vind ik het heel fijn om deze visie in de praktijk te brengen. Telkens als het me lukt om op deze wijze naar het zogenaamd niet perfecte in mijn leven te kijken, ervaar ik dat als een enorme bevrijding.
Gun jij jezelf dat ook en ben je in staat om af en toe door wat ‘Amerikaans taalgebruik’ heen te lezen, dan kan ik je de boeken van Byron Katie van harte aanbevelen, bijvoorbeeld haar eerste boek ‘Vier vragen die je leven veranderen’.
In haar boeken staan ook de uitgebreide vragenlijsten die je kunt invullen om met je oordelen – over anderen of over jezelf – aan de slag te gaan.
(voor een gesprek of coaching, zie deze site)